We kennen ze allemaal wel die iets te fanatieke, meelevende, schreeuwende ouders langs de lijn. Niet alleen op het voetbal-, hockey- of handbalveld zien we deze ouders, maar ook op het korfbalveld of in de sporthal zien we ze terug. Sportbonden willen de "aso-ouder"heropvoeden. Maar hoe moet een ideale sportouder zich gedragen?

Het advies dat een groot aantal sportbonden aan het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport heeft gegeven is dat de bonden de mogelijkheid moeten krijgen om "aso-ouders" te kunnen schorsen. De SIRE spotjes uit 2007 hebben slechts een kortstondig effect gehad. In deze spotjes zag je schreeuwende vaders langs de lijn die als schrikbeeld moesten fungeren.
De KRO vond het tijd voor een nieuw charmeoffensief. Deze omroep heeft al een paar maanden een mooie serie op de buis die heet "Heibel langs de lijn". In elke aflevering zien we een ouder die tijdens de sportwedstrijd van zijn of haar kind wordt gefilmd. Na afloop van de wedstrijd kijken ouder en kind naar de beelden die gemaakt zijn.
De KRO is ook wezen filmen op het korfbalveld. Tijdens aflevering 6 zien we Jesse uit Helios C1 korfballen met zijn fanatieke vader Willem langs de kant. Voor Jesse is het best lastig zo'n fanatieke vader want soms zegt zijn vader dat hij A moet doen terwijl zijn coach juist zegt dat Jesse B moet doen. Na afloop kijken vader en zoon naar de beelden.
Klik hier voor de link naar aflevering 6.
Zaterdag 6 november stond er ook een fraai stukje in NRC weekblad over ouders langs de lijn. Ook hier veel herkenbare voorbeelden die we ook bij Avanti wekelijks langs het veld tegenkomen. Er zijn inmiddels ook al 3 boeken verschenen over sportouders:
1. Vaderkoorts van Martin Hendriksma
2. Vaders langs de lijn van Koen Vergeer
3. Moeders langs de lijn van Sandra Blikslager
Een aantal fraaie voorbeelden passeert de revue:
- Kom op zeg, dit is -piep- geen theekransje
- Er is een goed jongetje in dat andere team, die moet je pakken
- Als het niet met je poten kan, doe het dan met je ellebogen
- Scheidsrechter, kijk nou toch eens man.
- We staan achter, doe nou eens wat.
Door de spotjes van de SIRE, de KRO serie en de genoemde boeken is nu wel duidelijk hoe het niet moet. Maar hoe moet het dan wel? In een aantal van die boeken wordt een aantal tips gegeven. Maar ook wordt de kennis/gedrag getest met een aantal vragen. In het stuk van NRC weekblad stond bijvoorbeeld de volgende vraag:
Je kind speelt een (korfbal)wedstrijd om te bepalen in welk team hij/zij volgend jaar komt. Wat doet u?
A. Je gaat mee naar de selectiewedstrijd en je steekt je duim omhoog als je kind een geweldige actie heeft. Als het niet lukt, werp je je kind een begripvolle blik toe.
B. Fijn. Je zet je kind af bij de (korfbal)velden en gaat lekker een middagje op pad. Je hebt geen zin om naast al die gillende vaders en moeders te gaan staan. En je kind speelt zonder jou ook wel goed.
C. Je staat langs de lijn naast de technische selectie commissie en je schreeuwt je longen uit je lijf om je kind zoveel mogelijk te steunen en te coachen.
Het is duidelijk dat je hier vooral niet antwoord C moet geven, want dan kom je terecht in de verkeerde categorie sportouder. "Je bent altijd aanwezig bij trainingen en wedstrijden, geeft gevraagd en vooral ongevraagd advies aan trainer, coach en scheidsrechter. Advies: neem wat vaker afstand en laat de trainer lekker zijn eigen gang gaan."
A als antwoord is al beter: "Je bent je bewust van je rol als ouder en je denkt in het belang van het kind en zijn omgeving. Lekker nuchter en in balans".
Een meer positieve benadering (zoals op de lagere school) maakt het zowel voor het kind als de andere ouders meer gezellig langs de lijn. Spreek elkaar er ook eens op aan!